Trefwoord  Afscheid:

Zywa Draag me

Lieve vriend, voel
mijn zachte buik voor
de man die niet kwam

en draag me
lichter ben ik nu
dunner zijn mijn dromen

je weet het wel
de tijd verstrijkt, kus me
kneed mijn soepele vel

en draag me
door de leegte van de nacht
geef me vaarwel

Gedicht 16
Amsterdam, 1993-03-28
Bundel: Maak vlug een foto 

Zywa Maar

In het theehuis doen wij alsof
we goede vrienden zijn ¬Ė om de beurt
kaatseballen we onze dagen

Kon ik je maar raken
maar met woorden lukt dat niet
Onze handen liggen dicht bij elkaar

We staren naar buiten
het valt niet uit te leggen
al begrijpen we het wel

En dat komt al te dichtbij

Gedicht 64
Trein Amsterdam-Nijmegen, 2007-03-09
Bundel: De trek 
Mede opgedragen aan: C W 

Zywa Misverstand in twee

We scheurden ons misverstand
in twee schurende verhalen

     schilfers zure lucht

hielden onze eigen helft
net als Sint Maarten
maar dan andersom

     tussen ons: de versnipperaar

we namen ons gelijk maar mee
het was zoveel werk om het weg te doen

     maximaal drie stuks tegelijk

liever wapenden we ons
onder de huid, de glans
scheen er doorheen

     raak me niet aan

Gedicht 97
Treinreizen, 2007-12-02
Bundel: Manen 

Zywa Inschrijving POZ

Een van de vele
relaties en projecten
die niet mislukt zijn
maar onaf gebleven

opgeschreven om af te leggen:
#NL2008000269348 in het Register
van Particuliere Onvoltooide Zaken

"Jij stond zomaar op
  we hadden niet gepraat
  niet gewoon zoals dat gaat

  je stond zomaar op
  liet mij achter in de zon
  met wolken in mijn gedachten

  of we wel vrienden zijn
  vrienden zijn geweest
  of en hoe het anders kan

  en of jij ook zomaar bloot
  naast mij zou kunnen komen staan
  een arm om mijn schouders slaan

  help! een idioot!
  ik hoor niet bij hem, echt
  ik ken hem niet, wat hij ook zegt"

Gedicht 123
Vaison-la-Romaine, 2008-12-28
Bundel: Manen 
Mede opgedragen aan: C W 

Zywa Weense wals

Kom en dans met mij, dans heel de nacht
     in paleizen en kelderlokalen
Je mag op mijn schouders best huilen
     om prachtige plannen die falen
de vrieskamers in het museum
     bevatten vitrines vol jeugdidealen
Wee wee wee wee, waarom sta je daar nog aan de kant?
     Kom en dans met mij, geef me je hand

Ja, ik wil jou, ik wil jou, ik wil
     met jou dansen en alles vergeten
in een spiegel waarin we met lenig
     gewichtloos gemak als atleten
de eeuwige hemel in zwieren
     zo nat is de vloer van ons zweten
Wee wee wee wee, waarom sta je daar nog aan de kant?
     Neem mijn hand en ik breng je aan land

Kom en dans met mij, dans dit refrein
op de teugen van wijn, van verlangen en pijn
kom we walsen ons vrij midden op het plein

We pauzeren een dag in een liefdeshotel
     waar je even onsterfelijk bent
maar al jaren geen liefde meer was
     ook al ruik je haar temperament
En we denken aan oude successen
     geluk dat we hebben gekend
Wee wee wee wee, waarom sta je daar nog aan de kant?
     Neem mijn hart, waarop jij bent gestrand

In de wazige namiddagzon
groeit op zolder een bollampion
prachtig uit tot een grote verlichte ballon
     daarmee drijven wij ver hiervandaan
jouw bedroefdheid verzacht door de liefdes-
     verhalen, verteld door de maan
Wee wee wee wee, waarom sta je daar nog aan de kant?
     Kom en dans, er is niets aan de hand

Refrein

Ik wil dansen met jou hier in Wenen
     gekleed in een jas van rivier
en de lelie die drijft in mijn hand
     origami van roze papier
begeleidt jouw gedachten verliefd naar mijn huid
     langs een graf met een rafelig lint
Kom, ik schenk je mijn binnenstebuiten
     op kussens van rijpende druifhyacint
om te varen op golven genot
     tot jouw lichaam een ankerplaats vindt
O mijn lief, o mijn lief
     Weense wals, Weense wals
     blijf toch dansen, want meer is er niet

Gedicht 201
Parijs, 2013-09-04
Weens walsje (Federico García Lorca) - 1930
Gedicht "Peque√Īo vals Vien√©s"
Lied "Take this waltz" ("Neem deze wals", 1986) van Leonard Cohen

Bundel: Manen 
Eerbetuiging: Garc√≠a Lorca, Federico 
Eerbetuiging: Cohen, Leonard 

Zywa We vieren het einde

We vieren het einde
met school en de leraren
we kijken in de toekomst

plakken pleisters van beste
wensen op de wonden
van vriendschappen

beloven niet te krabben
    we vertrekken met bloemen
        en gaan elkaar missen

We vieren het einde
dag collega's, op jullie
gezondheid en geluk!

We praten en lachen
zoals altijd alsof
het niet echt

voor het laatst is
    we vertrekken met bloemen
        en gaan elkaar missen

We vieren het einde
het huis is ontruimd, thee
met de buren, lang kijken

we naar de boom
in onze tuin, groeiend
in het licht, het groeien

naar de zon
    we vertrekken met bloemen
        en gaan elkaar missen

Gedicht 319
Amsterdam, 2014-08-05
Bundel: Manen 

Zywa En de duisternis heeft het niet begrepen

Dag zusje, jij bent de mooiste
Niemand zal ooit mooier zijn
Je houdt je groot
Je laat ons de tranen

Dag broer, ik ben geen hogepriester meer
sinds vader de goden afschafte
en nu hij vermoord is
rust de hemel

helemaal op jou, zoals hij het wilde
word jij de koning van de Rivier
Jij laat de Zon stralen, zoals ik
hem zal laten stralen aan de kust

waarheen ik het volk van grootvader
terug zal brengen, dag lieve mama
Jij zult de familie leiden
Jij bent sterk, jij bent de wijste

van ons allemaal, wij kinderen
van het Licht dat over heel de aarde
schijnt, en de duisternis
heeft het niet begrepen

Gedicht 541
Amsterdam, 2015-12-29
Kroonprins Djhoet-mosis / Thut-mosis = zoon van Thoth, afgekort: Mozes, is de broer van Echn-Aton en de halfbroer van Nefertiti; hij was hogepriester in de tempel van Ptah bij Memphis in de Nijldelta, maar zijn vader, farao Amen-hotep III stelde Aton (de zon, het abstracte goddelijke) in de plaats van de traditionele goden zoals Amon en Ptah
In 1351 vC is Amen-hotep III vermoord door priesters van Amon, maar Echn-Aton zette de nieuwe cultus door

Bundel: Uit Heilige Boeken [1] 
Trefwoord: Bijbel 

Zywa Lief mijn lief

O lief mijn lief, het was een mooie zomer
     de bonte kleuren doven langzaam uit
De wereld wordt voor mij steeds monotoner
     en nog wat witter wordt mijn witte huid

En ook al kunnen wij nu nog maar even
     elkaar de lust van liefde geven, jij
bewaart mijn ziel voor altijd in jouw leven
     in wie jij zelf geworden bent met mij

Ik hoor jou zacht in huis van alles doen ¬Ė
     onze liefde is nog net als toen
Jij let op mij en geeft me goede moed
     je geeft het najaarslicht zijn gouden gloed

De toekomst wijkt, voor eeuwig nevelig
     totdat ik veilig in jouw armen lig
waar ik mijn ogen rustig sluiten kan
     waar ik mijn ogen rustig sluiten kan

Gedicht 1043
Amsterdam, 2017-02-19
Danny Jongen (Frederic Weatherly) - 1910
Lied "Danny Boy" ("Een Londonderry Aria", 1792)

Bundel: Zonder reserve 
Eerbetuiging: Weatherly, Frederic 

Zywa Vonkt het?

Mijn lief, waarom droom je
nog van de Madonna
die ik niet wil zijn? Waarom
sta je voor het raam
met je rug naar de vrouw
die voor je zorgen wil?

Zie je in de diepte
van de stad, auto in, auto uit
alleen maar kortsluiting
terwijl je een vrouw wilt
die daar boven staat, vies van gedoe
op een achterbank?

Waarom droom je
ervan te ontsnappen?
Wat maakt een kooi
van haar nest
van mijn genegenheid?
Waarom droom je

van Mona Lisa?
Is er geen stroom daar?
Vonkt het alleen, vaag
ergens tussen jouw buik
en jouw hoofd? Vonkt het
ook bij haar? Hoop je?

Gedicht 2977
Amsterdam, 2020-05-22
Visioenen van Johanna (Bob Dylan) - 1966
Lied "Visions of Johanna" over Joan Baez en Bob Dylan

Bundel: Grote Stroom 
Eerbetuiging: Dylan, Bob 
Eerbetuiging: Baez, Joan 

Zywa
TrefwoordenWoord zoeken:  CTRL-F5-7-5
PenseelPuimPuinRegenLiefdes
VerdichtTrekvogelsAlsloosFoto